Apr 092013
 

Boynuz Buku, Fetiye, Gocek, Wall Bay, Elzenik, Panomaritis, Pedhi, Rhodos, Pedhi, Knidos, Kos, Vathi, Gemusluk, Knidos, Tilos, Knidos, Nisos Khalki (Emborios), Rhodos, Marmaris.  

 

De 2e september, na zwemmen,  ontbijt en lezen gingen we om 1400 uur anker op en zeilden met een mooie halve wind naar Fetiye, waar we om 1600 ankerden. ’ s Avonds aten we op de vismarkt, eigenlijk de fruitmarkt, waar het rustiger is. We kochten met de kok  calamari en garnalen, die met een wijn- en citroensaus werden klaargemaakt. Best lekker. We besloten de volgende dagen nog te blijven. We kochten wat krijt voor Liesbeth, die weer was begonnen met tekenen, bekeken het  omstreden beeld over de (binnenlandse) oorlogen met helden, door Turkije gevoerd, lunchten weer op de vismarkt en  meerden af aan het Yacht Classic hotel, waar een grootse bruiloft in voorbereiding was met veel bloemen en lichtjes. De volgende dag was een n een rustdag en werkten de website bij, maakten schoon schip en zetten alle foto’s op het web.

Vertrokken de 5e september van Fetiye naar Gocek om de motor op te halen, deden wat boodschappen, tankten de diesel vol en zeilden naar Wall Bay, waar we om 1800 uur aankwamen. Zwommen en aten aan boord.   De 6e september zwommen we, haalden vers brood en maakten het schip zeeklaar, waarna we naar de Gerbekse kloof vertrokken, zeilden vanaf Kordoglu Burun tegen een dikke wind met 1.5 meter deining met het kotterfokje bij.   Om 1200 uur verlegden we koers naar het oosten, we waren het gehak zat en boeren comfortabel met een ruime wind naar Elzenik, waar we om 1500 uur ten anker gingen, zwommen en een mooie strandwandeling maakten en ’s avonds in het pension aten.

De 7e zeilden we van Elzenik naar Panoramitis op Simi, zeilden heerlijk tot Kizil Ada en motorzeilden, tijdens de lunch tot Straat Simi waarna we weer zeilden tot Panoramitis, we maakten een mooie wandeling naar de molen en hadden een borrel met Tony en Marie-Louise van de Zampa.   De volgende dag maakten we een wandeling door het dorp en het klooster en kochten brood en appelgebak bij de monnikken. Darrna dronken we koffie op de Zampa. Om 1000 uur zeilden we naar Ormos Thessalona, een spectaculaire baai met hoge steile rotswanden en een prachtig wit kiezelstrand waar we heerlijk zwommen en lunchten. We wandelden naar het kapelletje, todat de baai in de schaduw lag, waarna we doorvoeren naar de fjord van Pedhi, waar we om 1700 uur aanmeerden aan de watertanker steiger .  We wandelden naar Simi, via de istmus en een afdaling langs de trappen.

 

 

 

 

 

 

 

 

We belden met Jogchem en Ulrike, die de volgende dag naar Rhodos zouden zeilen.   De 9e zeilden we van Pedhi naar Rhodos stad, belden met de havenmeester die z`ou proberen een plaats voor ons in de haven te hebben. Er stond een dikke Westenwind , dus met een mooie bakstagwind stormden we naar Rhodos. Door de dikke wind waren er geen huurboten vertrokken, dus geen plaats en moesten we slingerend naar de ankerplaats, waar we om 1630 ten anker kwamen achter de windmolens. Om 1700 gingen we met de dinghy naar de wal op zoektocht naar de Margarite, de boot die Jogchem had gehuurd. ’s Avonds heerlijk en gezellig gegeten met Ulrike, Bia, Toon, Han en Ulrike in de oude stad.   De volgende morgen koffie gedronken op de Margarite en een taxi besteld voor Ulrike, hellaas; de taxi’s waren in staking. De havenmeester had echter een plaatsje voor ons, dus meerden we af aan het fort met een anker achter. Museum, wandeling, Liesbeth kocht een rokje en zo stapten we nog wat langs de terrasjes.   De volgende morgen moesten we vertrekken om plaats te maken voor terug kerende huurboten en besloten we om via Pedhi naar Knidos te zeilen. In Pedhi regelden we een Grieks telefoon abonnement bij het busstation in Simi, dronken daar koffie en reden met de taxi terug. We vertrokken van de watersteiger op het voorspring en motorden langs de kaapjes en door straat Nimos. Buisten flink, en kwamen onder het zout aan in Knidos, waar we afmeerden aan de T-steiger.

’s Avonds, na een heerlijke avondwandeling naar de vuurtoren van kaap Krio,  aten we verdiend in het restaurant met de spectaculaire uitzichten op de stad aan de W-kant van de haven en het Griekse theater aan de O-kant.   De 13e vertrokken we naar Kos, na een bijna aanvaring met een onderwaterzwemster. We zeilden heerlijk met een ZW wind tot Ak Fouka, waarna we de wind vol tegen kregen tot aan de haveningang. Lagen om 1600 gemeerd; werkten de e-mails en foto’s bij en regelden de financiele administratie via het internet. ’s Avonds lazen we in de NRC dat Griekenland failliet was, dus aten we nog snel een Greek Plate, nu het nog kon.   De volgende morgen; 14 september zeilden we naar het eiland  Karpathos, de prachtige fjord van Vathi in. En meerden af voor het restaurant. We maakten een heerlijke wandeling door de groene vallei. Jammer was dat een Duitse huurboot ons achteranker eruit voer, waardoor de boeg op de betonnen kade botste. Als troost aten we ’s avonds jonge gegrilde octopus, het seizoen was daar.   Van Vathi was het de bedoeling dat we naar Kamari, aand de zuidkust van Kos zouden zeilen, maar hoe verder we om de West voeren, hoe meer de wind toenam en krimpte, zodat we hem bijna recht tegen kregen en het schip behoorlijk begon te stampen. Daar hadden we geen zin in, we draaiden en voeren met een comfortabele bakstagwind naar Gemusluk, lang niet geweest (15 jaar!). We ankerden en maakten een wandeling naar het oude Myndos. Het stadje Gemusluk zelf was weinig veranderd, de onverharde paden gaven de landelijke sfeer weer en de vissershaven , met de kleine bootjes en de vele restaurantjes deden gezellig aan.

 

 

 

 

 

 

 

 

Er was veel muziek en wellicht daarom stond de geluidsinstallatie van de minaret ook een tandje hoger. De 16e waren we van plan om van Gemusluk naar Nisiros te zeilen, maar omdat de wind draaide en we ons hadden voorgenomen om geen motor meer te gebruiken verlegden we koers naar Knidos, altijd mooi en sfeervol. We kwamen na een dagje flink zeilen om 1730 ten anker, zwommen wat en aten een heerlijke spag aan boord.

De 17e na een heerlijk ontbijt en rondje zwemmen maakten we een flinke wandeling naar de oude poort aan de Datca (landzijde)kant  van Knidos. Ook waren daar een paar noude terras huizen opgegraven langs een hoog pad boven de haven liepen we terug, aten een ijsje, kochten .een T-shirt en een blauw glazen vis,  zwommen nog wat en vertrokken naar Nisos Tilos. Om 12 uur gingen we anker op, we lagen voor een voor en achter anker, dus waren sportief bezig, zeker toen bleek dat het vooranker onder de ketting lag van een grote ~Gullit. Na goed kijken en voorzichtig mannoeuvreren van Liesbeth, kreeg Mike het anker onder de ketting vandaan, zonder te hoeven duiken. Met een  slag zeilden we naar Tilos, waar we om 1600 uur in het haventje Livadhiou ten anker gingen.

Zondagmorgen gingen we met de bus naar het oudste klooster van het eiland en hadden de meest specteculaire uitzichten over bergen en zee. Het klooster zelf was klein, maar er waren heel bijzondere fresco’s en het geheel ademde een geweide sfeer. We dronken het geneeskrachtige water en onze muggenbulten verdwenen als sneeuw voor de zon. Terug in het dorp pikten we onze e-mails op het pleintje en kwamen we erachter dat we het T shirt, vis en zonnebril hadden vergeten op Knidos, gebeld naar het restaurant en ja hoor, alles was bewaard.   Dus ’s middags met halve wind terug naar Knidos. Wat we niet erg vonden, 15 jaar geleden vielen we al voor die plek. Om 1830 uur kwamen we ten anker, aten een hap aan boord en hadden een stormachtige nacht met bliksem.

De volgende ochtend pikten we onze verloren spullen op, die opgeborgen waren in een kast waarvan de sleutel weg was, maar na wat speurwerk kwam alles toch nog goed. We kochten in het restaurant wat mezze’s voor de lunch onderweg en vertrokken naar Nisos Khalki. We zeilden het gehele traject door een flinke NW deining, waardoor we toch nog flink slingerden. We zeilden om 1730 uur de baai van Emborius in, waar de havenmeester een keurig plaatsje voor ons had, plat voor de kant. Jammergenoeg kwam een uur later een 54 voeter naast ons te liggen, die doordat het anker benedenwinds lag, ons die nacht als fender gebruikte. Gelukkig kan een Island Packet hiertegen.

De 20e september, Prinsjesdag, besloten we op Khalki te blijven en maakten er een peots-rustdag van. Website bijgewerkt en een mooie wandeling gemaakt. Liesbeth was in een filosofische bui, we dronken een mooi glas wijn, zodat Mike wat gebakken visjes ging halen, die we bij onze Maroc lamp heerlijk oppeuzelden met een spectaculair uitzicht door de eilanden tegenover de baai.   De volgende dag werden we gewekt door een flinke doorstaande deining die de baai inkrulde, waardoor het schip aardig slingerde en de trossen flink rukten, zodanig dat de bakboords voorkam uit het dek kwam.

Liesbeth kocht snel vers brood en bracht de schaal van de gebakken vis terug naar het restaurantje terwijl Mike het schip klaar maakte en de trossen verlengde. We zwommen nog even in de deining en vertrokken om 0930 uur naar Rhodos. Buiten stond er een flinke zee en een stormachtige zuiderwind. We ontbeten in de luwte van een klein eiland, dat we beneden winds passeerden. Tot Rhodos kregen we van halve wind, tot bakstag wind tot harde wind tegen en het laatste stuk weer storm. Werken dus. BeNoorden het vliegveld werd het bij vlagen 37 knoop, zodat we het laatste stuk besloten om dicht onder de kust, in de luwte naar de stad te varen. Jammergenoeg was de haven weer vol en moesten we ankeren achter het fort.. We gingen om ongeveer 1600 naar de wal en maakten de zoveelste wandeling door de oude stad, die toch weer mooie onbekende plekjes prijs gaf.   ’s Nachts was er onweer en storm, waardoor 2 schepen van het anker werden geslagen. Een grote catamaran en een Duitse 50 voeter. Het werd dus enigszins een ouderwetse chaos op de rede en Mike starte de motor en hield zeewacht. Liesbeth zorgde voor koffie en toen de rede weer enigszins tot rust kwam terug naar bed ging met ohropax.

 

 

 

 

 

 

 

 

Om 0930 had de havenmeester een plaatsje voor ons in de haven en gingen we weer met een achterankertje meren. We huurden een autootje, bezochten de Thermen in Kalithea het klooster van Thari, aten in Laerna, in dezelfde herberg waar Mike een maand eerder had gegeten, reden door een prachtig woest bergachtig landschap met pijnbossen naar de vlindervallei en waren net voor het donker bij het klooster in Ialyassos, waar we uitzicht hadden over bijna geheel Rhodos, uitkeken op de landende vliegtuigen op het vliegveld, de weg van Golgotha liepen naar een enorm kruis, die tegelijker tijd uitkijktoren was, waar we een spectaculaire bui regen met regenboog voorbij Rhodos over zee zagen voorbijtrekken waren laat in de avond terug aan boord. Het was een drukke heerlijke dag. Aan boord maakten we een mooie borrelhap, dronken een mooie wijn en namen de enerverende dag nog eens door.

De volgende morgen bunkerden we diesel vol voor de winter, brachten het autootje terug, Liesbeth ging nog even winkelen voor souvenirs voor de familie, Mike bekeek het weerbericht en maakte de boot klaar. We bedankten de havenmeester voor de goede zorgen en namen afscheid tot volgend jaar.   We vertrokken om 1230 uur, maar na een uurtje viel de wind geheel weg en motorden tot Kaap Kurnu, in de baai van Marmaris stond een doorstaande zuidwester, zodat we toch nog een anderhalf uur konden zeilen.   Om 1600 uur meerden we voor de laatste keer af in Yacht Marina op Foxtrot 18. We hadden afgesproken met Peter en Lineke, die de volgende dag vroeg naar huis zouden vliegen, namen een heerlijk glas wijn en aten heel gezellig in het restaurant.

 

 

 

 

 

 

 

 

De 24e en 25e september maakten we het schip klaar voor de winter. We wasten de zeilen en brachten ze naar de zeilmaker, kleine reparaties, schootogen en nazien van de stiksels van de UV-banen. Poetsten het schip,  dinghy en bilges.  Liesbeth schoonde het hele interieur en zette alles in de teak olie. De 26e verwisselden we olie, filters en brandstoffilters, impeller en drijfriem van de dynamo.  ’s Middags ging de boot uit het water en  smeerden we de verstelbare schroef , vernieuwden de annodes en wasten onder hoge druk het onderwaterschip. Kregen de nieuwe wintertent, pasten en verstelden de nieuwe jurk van de “Alegria”, Woonden aan de wal in appartementje 7, deden nog een boodschap in Marmaris en kwamen ’s avonds in de bibliotheek Bernard tegen van de Skypower.

 

We spraken af om midden mei 2012 samen te proberen op te zeilen naar de Zwarte Zee. Op de 28e om 0600 uur namen we de taxi naar Bodrum Airport voor onze vlucht naar Amsterdam.   Het was een heerlijk zeilseizoen, de “Alegria” heeft het uitstekend gedaan, heeft een nieuwe jurk gepast en staat opgepoetst uit te rusten voor het volgend jaar.   Nu, met iets meer zeewaardige en stabiele eigenaren; lijkt de hoop en de verwachting op een stabiele, mooie en avontuurlijke toekomst meer dan gerechtvaardigd.   Alle volgers een mooi winterseizoen en tot volgend jaar.

 Posted by at 4:44 pm
Apr 092013
 

Boynuz Buku, Fetiye, Gemiler (St. Nicholas), Kalkan, Busak Deniz (Kas), Kastelorizon, Ucagiz, Kastelerizon, Mandraki, Kalkan(Saldikent Gorge, Xanthos, Patera),  Karacoaren Buku, Wall Bay, Fetiye, Boynuz Buku, Gocek.

 

Op 13 augustus Liesbeth afgehaald van het vliegveld in Dalaman en met Dalaman Taxi geregeld dat Alex en Nel de 16e gebracht konden worden naar Bayuz Buku.

 

Het voelde goed elkaar weer te zien, na een half jaar uit elkaar te zijn geweest.

Liesbeth was nog moe van de reis, dus na de koffer te hebben uitgepakt huurden we een stoel in de beach-club, waar we zwommen en er een luie middag van maakten.

’s Avonds waren we nog steeds lui en aten op het Upper Deck in de jachthaven.

 

De 14e ankerden we op de rede van Gocek en maakten een wandeling, zwommen in de baai en aten in het Kebab hospitaal, het was fijn om weer even bij te praten.

De 15e zeilden we van Gocek naar Fetiye en maakten vast op de steiger van het Yacht Classic Hotel.

 

De 16e augustus vierden we Liesbeths verjaardag, mooie wandeling door Fetiye, markt en oude wijk. Om 1400 gingen we op weg naar Boynuz Buku, waar we 1630 aankwamen en Mike de boot pavoiseerde. Om 1700 uur kwamen Peter en Lineke  voor de borrel, waarna we een avontuurlijke wandeling maakten naar de zoetwaterbron, 3 km verder. Daarna vierden we Liesbeths verjaardag met een heerlijk diner aan de baai.

 

Tijdens het eten belde Alex, dat het vliegtuig een anderhalf uur vertraging had, dus ze pas om middernacht zouden arriveren, waardoor zij het feestdiner gingen missen.

Jammer, all-in the traveling.

 

Om 23oo uur werd het erg stil in de tuin, we hebben het nog proberen te rekken tot 2330, maar de herbergier ging naar bed en Peter en Lineke naar de “Alure”.

Wij gingen ook terug aan boord, het was een leuk feestje in een mooie ambiance.

De schipper ging met zaklantaarn naar de ingang, om de taxi af te wachten, die Nel en Alex naar de baai zou brengen. Het terrein was in de uiterste duisternis gehuld.

Om 0015 arriveerden Nel en Alex  na een vertraging en een avontuurlijke rit over zandpaden in het Anatolische buitengebied, jammer van de vertraging, zo ging een deel van het verjaardagsfeest van Liesbeth verloren.  Na gedag en felicitaties (volgens de Nederlandse klok was Liesbeth nog steeds jarig) een hapje en een glas wijn gingen we naar bed.

 

De volgende morgen werd uitgebreid bijgepraat, een wandelingetje gemaakt en gezwommen. Om 1400 uur vertrokken we naar Fetiye, waar we na een lekkere zeiltocht afmeerden aan het Yacht Classic Hotel. We maakten een stadswandeling en bezochten de vismarkt en dronken een borrel op het autokerkhof en aten in het hotel aan het water.

 

De volgende morgen gingen we gevieren naar de Hammam voor het stoombad, scrub en massage. Dat was een bijzonder belevenis, 45 min. weken en dan scrubben, we werden kilo’s lichter en schoner.  Vervolgens een full body massage met rozenolie. Als herboren aten we naast de duckpond en de dames bekeken/kochten tassen en kleden en voor de boot wat kussenovertrekken.

Om 1500 uur vertrokken we naar Gemiler, jammer genoeg met te weinig wind om voluit te kunnen zeilen. Om 1730 kwamen we ten anker in 17 meter water met een lijn achter naar de wal. Heerlijk gezwommen, namen een uitgebreide borrelhap en voor Alex was zodanig warm, dat hij besloot om aan dek te slapen.

 

De volgende morgen, na het zwemmen en ontbijt staken we met de dinghy over naar het eiland Gemiler, de vroeger pelgrim kolonie St. Nicholas en maakten we een wandeling naar de top, langs de ruinies van drie kerken en daalden af door de vroegere tunnel. Na weer een lange duik vertrokken we om 1100 uur via de baai van Olu Deniz naar Kalkan, tot Kotu Burun op de motor, en verder zeilend naar Kalkan, waar we om 1800 uur afmeerden.

 

Na een wandeling door de beneden stad aten we een heerlijke mezze.

 

De volgende morgen deden de dames de inkopen en maakten Alex en de schipper schoon schip. Om 1300 vertrokken we naar Boynuz Buku, de baai net ten noorden van Kas. Jammer genoeg pikten we net de ankerketting van de buren mee, wat ons een boothaak kostte. We begonnen met een heerlijk bakstag windje, maar jammer genoeg viel in de middag de wind weg, waardoor we moesten motoren.

Om 1630 maakten we vast achter op een steen en voor het anker met 40 m. Ketting.

Heerlijk gezwommen, 45min., waarna Liesbeth een mooie pasta maakte.

Lekker bijgepraat, bij de olielamp in een stille baai.

 

De 21e augustus maakten we een uitgebreide wandeling door Kas, langs de haven en door de “eet” parken. We vulden de kruiden aan, deden wat boodschappen en aten een kebab aan de haven. Na de traditionele 30 minuten duik vertrokken we om 1500 uur naar Kastelerizo, terug in Europa. We zeilden tot bijna in de haven en maakten vast ibij Little Paris, in de rustige hoek van de haven.

 

We maakten een wandeling door het dorp., klaarden in bij de kustwacht en vroegen naar Loekie, een vriendin van het zusje van Liesbeth. Bij de kustwacht hoorden we dat Loekie’s  man vorige week was overleden, wat een vreselijk moment om  iemand de groeten over te brengen.

 

 

 

 

 

 

 

 

De volgende morgen beklommen we de trappen naar de top van het eiland en liepen naar het klooster van St George, jammer genoeg niet meer in gebruik en vervallen, maar er waren nog veel mooie details zichtbaar, zeker nadat Alex de binnenplaats had aangeveegd en er mooie mozaieken te voorschijn kwamen. Alex kan niet tegen verstofte monumenten, een goede eigenschap ten voordele van het algemeen nut.

Na de afdaling ontbeten we krachtig aan de haven en ontmoetten daar Loekie, die daar met haar familie ook bij de radio-bar zat te ontbijten. We betuigden ons medeleven en Liesbeth bracht de groeten over van Sakia en Meike, oude studiegenoten van haar.

 

Om 1300 uur vertrokken we naar Ucagiz, in de scheepspraat uiteraard omgedoopt tot Urizgan. Zeilden naar de Kekova Limani en maakten een tocht langs de verdronken stad bij Kekova, waarna we in 4 meter water ten anker kwamen bij het dorp. Deden een 45 minuten zwem in koud en warm water en gingen om 1800 uur naar de wal waar we een uitgebreide wandeling maakten en bij Jacqueline Onur aten.

Na het eten bleek dat de schipper het veiligheidskoord van de buitenboord motor was verloren. Pure geestelijk en fysieke aftakeling, voortkomend door langdurig cruisen; gat in de broekzak.

 

De 23e augustus maakten Alex en Nel de 1,5 uur duik, terwijl Liesbeth en Michael nog een bb motor koord zoektocht door het dorp maakten, waarbij de plaatselijke bevolking de iman verzocht om hierover een announcement te maken van de minaret na het 1330 uur gebed.

De iman weigerde dit, omdat het ramadan was, maar belde de parochie om hierover een mededeling te plaatsen op de moskee en belde met de parkwachter om de zelfde maatregelen te nemen op burgerlijke bestuursbasis.

Allemaal heel erg aardig en telefoonnummers werden uitgewisseld, indien het koordje nog boven water zou komen.

 

Na een heerlijke pannekoek en een glas ayran, vertrokken we om 1500 uur naar Kastilerizon, zeilden tot Kimlu Buru en motorden verder. Lagen om 1900 ten anker.

 

Haalden de volgende dag vers brood, ontbeten en maakten na de gebruikelijke zwempartij een wandeling. We ontdekten een atelier van een beeldhouwer in de kapel aan de ingang  van de haven en verhaalden om 1200 uur naar de baai van Mandraki. Zwommen, bliezen de luchtbedden op en maakten er een water-world-paradijs van.

Het was een zo mooie rustige baai, dat we besloten nog een nachtje te blijven.

 

 

 

 

 

 

 

Vertrokken de 25e naar Kalkan, via de Blauwe Grot, waar we met de dinghy naar binnen wilden varen.

De ingang van de grot was te laag voor de heersende deining, zodat dit plan werd afgestemd. Jammer, maar ook stond de zon verkeerd volgens Liesbeth om de blauwe doorschijn effectief te doen zijn. We gingen daarom nog even terug naar Mandraki om onze zwem(ob)sessie af te maken. Om 1530 vertrokken we naar Kalkan, waar we om 1830 aan kwamen.

 

De 26e hadden de dames een chauffeur en auto geregeld om  Xanthos te bezichtigen, een wandeling door de rivier in de Saklikent Gorge te maken en de oude stad Patara te bezoeken. We vertrokken om 0900 uur en waren om 1800 terug aan boord.

Xanthos was indrukwekkend, nog veel was intact en de stad was twee keer onderworpen, 1x door de Perzen en de tweede maal door de Romeinen. Beide keren heeft de bevolking zich letterlijk doodgevochten. De wandeling door de gorge was spannend, snel stromend water, gladde marmeren stenen en machtige kloven, meest in de schaduw, waarna een lunch in een chillhut boven de rivier. Patara was de hoofdstad van de Lycische alliantie, met een nog bijna intact theater, vuurtoren en de assemblee die werd gerestaureerd.  Leuke afwisselende dag.

De 27e namen we stores in, water, limonade, bier en wijn. We vertrokken naar Karacoren Buku, zeilend tot 1600 uur, waarna motorzeilend tot de baai. We meerden 1900 uur af op de boeien en bestelden het bootje van het restaurant voor 1930, hadden een gezellige maaltijd in een familierestaurant en waren 2200 uur terug aan boord.

 

De volgende morgen na de zwemsessie en het ontbijt vertrokken we naar Wall Bay, motorzeilden tot Dokubasi Burun, waarna we konden zeilen tot Wall Bay, waar we om 1600 uur afmeerden. Prachtig helder water. Na de borrel liepen Liesbeth en Michael naar de ruines van een Byzantijnse Hamman, waarvan gezegd wordt, dat Cleopatra daar nog heeft gebaad. Dat zijn die onverwachte ontmoetingen, die het zeilen in de Med. De onverwachte dimensie geven.

’s Avonds heerlijk gegeten bij Anatolische fluitmuziek.

 

Vertrokken de 29e van Wall Bay naar Fetiye, via Thomb Bay door de Skopea Limani. Zeilden daarna met een mooie halve wind naar Fetiye, waar we wilden ankeren om op de vismarkt  te gaan eten. s’ Avonds stak er een harde wind op met zware regen, zodat we besloten om te meren aan het Yacht Hotel. Gevieren ten anker opgesloten door de regen is geen optie. Jammer, de vismarkt houden Alex en Nel dus te goed!

 

Op de 30e augustus vertrokken we naar Boynuz Buku, waar we heerlijk naar toe zeilden en daar uiteraard zwommen. Tegen de avond verhaalden we de boot naar de Club Marina in Gocek, om de reis van Alex en Nel voor te bereiden naar Nederland. We namen het pontje naar het dorp en aten kebabs in het Kebab hospitaal, ook goed voor Nel vast een lichte overgang naar het Nederlandse werk klimaat.

 

De 31e ’s morgens samen ontbeten en dan was het tijd voor afscheid. Om 0900 stond de taxi klaar voor Nel en Alex, terug naar patria, aan het werk!

Het waren twee heerlijke weken, veel gezien, veel gezwommen, veel geluierd, maar ook veel avonturen beleefd en cultuur gesnoven en vreselijk gelachen om de sterke verhalen en anekdotes uit vorige levens.

 

Goede vrienden behoeven geen krans, het was een mooie en gezellige reis. Nel en Alex, tot de volgende keer!

 

De 1 september voeren we door naar Gocek, waar we boodschappen deden en doorzeilden naar Boynuz Buku. Lekker gezwommen, bbq en ’s avonds gedanst op Anatolische muziek, nog even ’s nachts gezwommen en naar bed.

 

De volgende dag zeilden we weer naar Fetiye, aan de wind, mooie tocht. Zout tot in de badkamer.

We besloten wat langer met elkaar te zeilen en boekten een vlucht voor de 28e naar Nederland en regelden dit met de jachthaven.

 

Het voelt goed samen weer te varen en even alles op een rij te zetten.

 Posted by at 2:27 pm
Apr 092013
 

Fetiye, Rhodos town, Ak Istros, Ak Prasso, Nisos Khaiki,, Rhodos town, Marmaris.

 

Na een week rust en regelmaat (en poetsen) in Marmaris,  vertrok ik de 25e juli voor een rondje Rhodos, maar ook om bier en wijn te storen.  Met de regering van Erdogan waren de prijzen in Turkije voor alcohol in 4 jaar tijd verdubbeld. Jammer voor die heerlijke turkse rode wijnen.

Gebeld met de havenmeester in Rhodos en  misschien had hij nog een plaatsje voor me, bel om 1500 maar even terug.

 

Het was heerlijk weer, onder de kust stond een N4 en daarbuiten een NW 5, dus stijf onder de kust halve wind en na  het eilandje Kizil Ada aan de wind met een redelijke deining dwars. Door de hoge deining kwamen er af en toe redelijk veel water aan dek en begaf een van de sjorringen het van de passarelle. Ik ging dus naar voren om dat te herstellen. Stom, ik was alleen, dus had gewoon op moeten loeven, genua weg moeten nemen en daarna rustig naar voren gemoeten. Maar de plank knalde zo tegen de opbouw, dat ik daar even niet aan dacht.

Omdat ik alleen zeilde, had ik gelukkig wel de veiligheidslijnen aan dek gespannen en pikte ik me in, ik zat dus vast. Maar het schip liep een dikke 7 knopen aan de wind. Tijdens het sjorren dook de boot er weer flink in en kwam er groen water over het voorschip, net toen ik de passarelle aan het sjorren was, stom met twee handen. Ik donderde over boord en werd door de snelheid en omdat ik vast zat onder water getrokken. Dat moet dan niet te lang gaan duren, dus ten einde raad pakte de lijflijn, trok me op, voelde een  stanchion van de railing en met een bovenmenselijke kracht (die schijnt dan te ontstaan) slingerde ik me aan dek. Aan de hoge kant, was me dat nooit gelukt.

Les; bij het alleen zeilen voordat je aan dek gaat: de auto pilot af! Het schip gaat dan gewoon in de wind liggen en de snelheid is eruit. Dat dus gedaan, nadat de oen (het kalf) bijna verdronken was. Passarelle gesjord, diep adem gehaald en verder gezeild.

Impulsief handelen is alltijd stom, maar bij alleen zeilen is dat dus gewoon gevaarlijk.

En, ja de leeftijd gaat toch tellen. Alles met grote zekerheid betrachten en eerst denken.

Anders breek je benen of  verdrink je dus.

 

 

 

 

Om 1500 de haveneester, George, van Rhodos gebeld, no way, maar morgenochtend had hij een plekje, zodat ik mijn stores kon innemen. OK, dan blijf ik twee dagen. Geankerd achter het fort en met de dinghy naar de vissershaven getuft. Mooie wandeling gemaakt en een Ouzo Mezze verorberd, om het leven te vieren. Nog even langs de havenmeester die me versekerde een plaats met mooring lijn te hebben (tenslotte was ik alleen) en terug naar boord gegaan. Het woei intussen dat het rookte, maar het anker zat er goed in.  Goed geslapen.

 

De volgende morgen heerlijk gezwommen en na het ontbijt de haven meester gebeld, ik kon naar binnen. Bij binnenkomst bleek hij geen plek met boeitros te hebben, Griekse afspraken dus. Dan maar van voren meren met het achteranker, dat klaar was.

Ik kwam langszij te liggen van een nederlandse Dehler 34, met een beeldschone dame aan boord, die ook alleen zeilde (maar de volgende dag een vriendin aan boord kreeg),  Marije lerares Latijn en Grieks aan het Vossius.  Het kon mijn dochter zijn, maar het is toch wel erg leuk om met een educatief en beschaafd landgenote te mogen babbelen. Heerlijk. Wat een prachtvrouw, om verliefd op te worden! En helemaal gek van zeilen. Was ik nog maar 25 jaar jonger.

 

Liesbeth, die door Noord Amerika langs de oostkust motorde in een mastloze catamaran bij  Steve en Truus had ingestemd om haar verjaardag aan boord te vieren, waar ik erg blij mee was en omdat ik nog veel KLM punten had, boekte ik voor haar van New York naar Dalaman, via Amsterdam. De 9e met Air France uit NYC, aankomst de 13e augustus in Dalaman. Allemaal via de iPhone op een terras in Rhodos, maffe wereld, Alice in Wonderland.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nadat voor het komende jaar bier en wijn aan boord was gebracht en goedkope diesel was geladen, vertrok ik de volgende dag naar Lindos, mooi aan de wind bezeild. Het weerbericht voor de komende dagen was erg onstuimig, zeker aan de zuidkust, maar ik was alleen, de boot in goede conditie en jezelf eens op de proef stellen is op leeftijd ook niet verkeerd. Bovendien moest de schrik van het overboord slaan er uit worden gevaren.

De baai van Lindos was een soort kermis, een en allemaal  tripperboten en die kunnen net als Urkers maar twee standen, vol vooruit en vol achteruit. Dus ben ik een baaitje teruggevaren, waar  rust heerste en ook aanzienlijk minder valwinden waren. (En maar 10 minuten verder lopen naar Lindos zelf.) Daar geankerd met 50 meter ketting in 10 meter water. Tenslotte zeil ik alleen, dus safety first.

Na 1600 en voor 1000 uur is Lindos de rust zelve. Geen ezeltjes beladen met toeristen, die op je voet stappen, rustige restaurantjes en een weldadige stilte.

Lindos is al bewoond sinds 4 eeuwen voorC. En heeft een beeldschone klein acropolis boven het stadje en een prachtig strand in een wonderschone baai met eivol strand eronder.

Lekker gegeten, waarna ik in het donker teruggelopen ben naar “mijn” baaitje en in bed gekropen.

De volgende morgen ontbeten in het nog stille stadje, maar toen de eerste bussen kwamen om 10 uur, de politie met fluitjes het verkeer begonnen te regelen, ben ik maar weer terug naar de “Alegria” gegaan.

 

Anker op en op weg naar Ak Istros een baaitje 30 km zuidelijker met een prachtig strand en toeristen hotels. Het woei intussen best, maar aan de wind was het, gereefd, goed te doen. Aan de westkant van Rhodos staat niet veel deining in de zomer. Om 1600 uur geankerd, gezwommen naar het drukke strand en daar een biertje gekocht. Toch maar weer het kindergekrijs ontvlucht, boekje aan dek, nog wat gezwommen en een spagje gekookt. De hele nacht bulderde de wind, maar we lagen goed.

 

De volgende middag, het woei intussen stormachtig, onder een piepklein zeil naar  Ak Prasso gevaren, aan de zuidkust van Rhodos. Daar stond een holle zee met een best stevige deining, en het stormde nu echt.

Op de zuidkust steekt een lange zanderige kaap met een vuurtoren in zee, met aan elke kant een baai. De westelijke baai lag van de wind, dus daar was de beschutting, maar erg ondiep en een fikse deining. Heel voorzichtig  onder de kust daar naar toe gevaren en in het hoekje in 4 meter water het anker laten vallen. Het bulderde, maar ik lag daar in Abrahams schoot en zo lang het hard bleef waaien, kwam de deining dus niet naar binnen.  Gezwommen, biertje, en het restje spaghetti met een glaasje wijn opgemaakt, slecht geslapen, met de harde wind en het eenzame plekje, maar de iPhone op ankeralarm waakte.

De volgende morgen nam de wind iets af, maar er stond nog wel een holle zee, maar rond de kaap kreeg ik de wind achtelijker, dus toch maar vertrokken.

In de loop van de middag nam ook de zeegang wat af.

Heerlijk met ruime wind naar Nisos Khalki gezeild, een prachtig eilandje net ten oosten van Rhodos zelf.  Op weg naar Khalki zijn nog wel wat riffen en stenen, dus behalve zeilen, ook nog flink uitkijken en navigeren.

In de baai was het rustig, wel wind, maar  mooi vlak water.

Het stadje lag er bij als Simi, alleen erg veel verlaten huizen en een stuk armoediger.

Geen hotels of pensions, alleen vissers.

Naast de ferrypier (die maar een keer per week komt) aan de binnenkant was een plaatsje open, met genoeg water, dus ben ik daar maar langszij gaan liggen, niemand zei dat dat niet mocht. Goed plekje.

 

Boven het dorp is een soort fort, wat als uikijktoren voor Rhodos diende voor de St. Jansridders. Binnen het fort stond een oud kerkje/fors kapelletje voor St Nicolaas.

Daar bij de beschermheilige van de zeevaarders heb ik een kaarsje opgestoken, als dank voor een, alweer,  behouden reis.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

’s Avonds in het slapende dorpje op het terras van een taveerne, onder de locals, een heerlijk visje gegeten met een halfje Retsina. Voor het eerst in Griekenland heb ik de vis niet per gram betaald. Zeker omdat er geen toeristen waren.

Heerlijk geslapen tot 7 uur toen het klokje van het kerkje me wakker maakte.

Tegen de middag vertrokken en bijna voor de wind naar Rhodos stad geblazen, waar ik ankerde achter de muur van het fort.

Met de dinghy naar de vissershaven getuft en in de oude stad op het terras van een lounge bar de e-mails nagekeken en beantwoord.

’s Avonds een Ouzo Mezze en terug aan boord.

 

De volgende morgen, het was een augustus, lekker krachtig ontbijt gemaakt met eieren en spek, gezwommen, anker op en voor ruime wind naar Marmaris gezeild.

Meliha en haar man hadden een feestje voorbereid, achter de bar, buiten. Er waren niet veel bekenden in de haven wat engelse echtparen, maar er werd van harte gezongen dor de Turkse dames van het secretariaat.  Er waren felicitaties van Mar en Jur en de kinderen, van Elzelien en Marijke en Liesbeth, Steve en Truus belden vanuit intussen Canada op de satphone.

Een rustige verjarie, maar boven de 65 moet je ze ook niet meer vieren.

 

 

 

 

 

 

 

De volgende morgen ben ik naar de immigratie gegaan, daar mijn Turkse visum begon te verlopen. Ik vertelde dat ik gisteren uit Rhodos was gekomen en nu graag mijn visum wilde verlengen. Ik had echter niet uitgeklaard in Marmaris voor vertrek, dus was ik illegaal Turkije binnengekomen, welleswaar met een geldig visum, maar met een ongeldig Transit log., dat nog tot 6 september geldig is. Omdat een transit log (voor de boot) vele malen duurder is dan een retour catamaran naar Rhodos, koos ik eieren voor mijn geld en zat een uur later op de ferry boot, die normaal om 1000 in Rhodos aankomt en om 1600 uur daar weer vertrekt. Vandaag niet, er was een Russisch reisburo aan boord en de boot ging pas om 1730 terug.

OK, ik had vorige week de hele “buitenkant” van Rhodos gezien, dus besloot om vandaag maar de binnenlanden te verkennen en huurde een klein autootje. Lekker airco, mooie kloosters en wat een woest landschap! Prachtig. Heerlijk gegeten in een piepklein bergdorp, Laerna, in een stokoude Taverna bij een stokoud echtpaar. Daarna door de bergen naar Apollona (dat beroemde drinkwatertje) en Profitis Ilias (1100 meter hoog) waarna via Kolympia terug naar de “grote” weg en Rhodos.

Om 1700 uur de auto ingeleverd en om 1730 uur zaten we weer met de Russen op zee.

Op de terugweg nog even vreselijk gelachen met twee Deense mega lesbo’s,  alletwee een kop groter en twee keer zo breed als ik, die ook tussen de Russen verdwaald waren.

Om 1830 uur had ik mijn visum en om 1800 mijn stempels en was  weer terug aan boord.

Het was een, onverwachte, heerlijke dag!

 

Intussen begonnen aan nog weer wat klusjes (koop een boot en werk je dood), de boot weer van de zoutkorst ontdaan, lekker aan de ochtendzwembaantjes weer begonnen en me voorgenomen om de 9e hier te vertrekken naar Fetiye en de 12e aan te leggen in Gocek, om Liesbeth de volgende morgen van het vliegveld te halen.

Ik blijf dan in de baai van Gocek tot de 16e augustus, wanneer Liesbeth jarig is en ik Nel en Alex ’s avonds laat van het vliegveld laat halen en waarschijnlijk naar Wall Bay laat brengen, als Ramazan dat tenminste weet te vinden.

 

Tot het volgende hoofdstuk; Rondje met Alex en Nel.

 Posted by at 2:04 pm