Jul 092013
 

2013-07-03-at-12-12-06-version-2

Chios, Foca, Candarli, Bademli Liman, Skala Mistegna, Mitimni (Lesbos), Poyran Adasi, Ayvalik, Babekale, Sigri, Nisos Efistratios, Mirini, Porto Kaufo, Panayia, Mt. Athos, Porto Kaufo, Nisos Panaya, Patitiri (Nisos Alonissos).

Na Alex naar het vliegveld op Chios te hebben gebracht en Liesbeth, die met dezelfde vlucht binnenkwam te hebben opgepikt, reden we naar de boot, waar Lies nog even een tukje ging doen, ze was om 0300 NL tijd opgestaan (0400 uur EEST). De schipper deed wat boodschappen met de auto en we hielden een rustdag.
Dinsdag de 4e juni maakten we een mooie tocht langs de Noordkust van Chios; Marmaron, Volissos en Limnia en terug via het klooster in Nea Mona naar Chios Marina.
Om 190 uur leverden we het huurautootje in en wandelden via een mooie omweg terug naar boord.

De volgende morgen vertrokken we om 0900 uur naar Foca met een ZZW wind van 4/5, prachtig bezeild. Jammergenoeg had Ahmet, de havenmeester, geen plaatsje voor ons, waarop we brutaal een ankerboeitje pakten voor het vissershaventje. Op de vraag aan de vissers of we er een nachtje op de boei mochten blijven beleefden we weer een prachtig staaltje van Turkse gastvrijheid; pas op het oog van de boei met je zware schip, neem een tros door de shackle onder de boei en natuurlijk mag je een nacht blijven! Meedenken, praktisch en open zeemansschap, leuke kust en fijne mensen!
We gingen naar de wal met de bijboot en aten een kofte op het plein.

De volgende morgen ontbeten we aan de wal maakten een mooie wandeling, pikten onze e-mail op via wifi en maakten een afspraak met Ahmet voor 1400 uur meren, hij had intussen een plaats voor ons in de haven tot zaterdag.
We maakten een mooie avondwandeling en een voorlopig reisplan rondje Aegean, met de nadruk op de vliegvelden, ivm. de conditie van moeder Noordijk, Izmir, Istanbul. Saloniki, Athene, Heraklion, Dalaman.
Maakten langs de kust een zehondenwandeling, rommelden wat en aten bij de lokale cantine, de Lokantasi.

Zaterdagmorgen om 1000 uur vertrokken we naar Candarli, voeren binnendoor Aslan Burnu en de andere eilanden op zoek naar de zeehonden van Foca (Monkseals, een colonie van 400 spec.) Behalve Sammy geen zeehond gezien.

Zeilden het gehele traject bij een NW4/7, het laatste stuk zelfs met een rif in het grootzeil. Kwamen ten anker in de baai tenW van Candarli in 9 meter met 40 m. ketting te water. Brachten Liesbeth en Sammy met de bijboot aan de wal voor een wandeling, de schipper bleef op ankerwacht, wegens de doorstaande harde wind.
Zondag was het weer opgeknapt, maakten een mooie wandeling over het schiereiland, veel strand, mooi plaatsje. De baai ten W. Is de oude haven van Pergamon, maar daar is het erg laagland en moerassig.

Maandeag maakten we een honden en bakkers ronde en vertrokken omstreeks 1000 uur naar de warmwaterbronnen van Bdemli Liman. We zeilden met een mooie ZW ¾ de baai uit, maar kregen na het ronden van de eilanden, binnedoor, de wind uit het Noorden, op de kop.
Motorzeilden naar de binnenkant van de eilandan en gingen tern anker voor de vaste wal recht voor de heetwaterbronnen, in 5 meter voor 30 meter ketting. Maakten een wandeling door de olijvengaarden, werden uitgenodigd door een Turks echtpaar om hun vakantiehuis te bewonderen, namen een heet bad, zwommen terug aan boord en voelden ons na een zoetwaterdouche echt opgeknapt. Mooie goddelijke omgeving. Sterren, Zeus, Poseidon en een beetje Dyonisios, what a beautiful world.

2013-06-20-at-10-41-27-version-2

Vertrokken op 11 juni om 0900 uur, na een wandeling met Sammy naar Ayvalak met een harde zuidenwind. Motorden de banken en riffen uit en zeilden om de Noord. Kregen onderweg een windwaarschuwing NW6 over de VHF en Navtex, veranderden koers naar de Oostkust van Lesbos, de baai van Mistegna waar we om 1500 uur ten anker kwamen net achter het piertje, voor het strandje. We maakten een mooie wandeling door de olijven- en citrus plantages. Er waren olijvenbomen van over de 500 jaren oud! Het citrus lag er verlaten bij, lagen vruchten op de grond.
Heerlijk gegeten aan het strand, ‘s nachts een flinke aflandige wind, we lagen in moeders schoot.

Vertrokken de volgende morgen naar Lesbos Noordkust, Mitimni. Zeilden bijna het gehele traject met een ZW tot NW wind kracht 3/5, veel onweersbuien, waarbij de wind soms flink aantrok. Laatste stukje NNW, motorzeilden rond de kaap en meerden om 1430 af in de laag met een anker voor. Liesbeth maakte een mooie wandeling langs de Noordkust (in de regen!) de schipper klaarde in bij de kustwacht en ging op zoek naar een betaalbare huurauto en wifi.
Aten aan boord, buiig weer en een hollands zomerweertje temperatuur. Vroeg naar bed met de krant.

Verhaalden de volgende morgen, ivm een krachtige wind verwachting, het anker verder naar voren, brachten 45 meter uit. (was 25 meter). Wat schetst onze verbazing; bij de eerste zware windvlagen met regen en onweer begon het schip te krabben en naar achteren tegen de wal te leunen. We maakten vlug los en starten de motor, met harde wind en onweer probeerden we het nog een keer, weer kwam het anker los. De schipper wilde een derde poging wagen, maar de admiraal was de stress zat in de regen, dus gingen we plat langszij achter de kustwacht kotter. Dit was ons eerste probleem met dit anker sinds de negen jaar dat we dit schip hebben. Moet een autoband geweest zijn of zoiets dergelijks. Liesbeth had er even geen zin in en de kustwacht vond dat we goed lagen.

We verloren nog steeds olie, niet verontrustend, maar dit hebben we nog nooit eerder gehad, omdat er in hert motorcompartiment geen lekkage te vinden was en er bij stationair een licht oliespoor uit de uitlaat kwam dachten we toch de oliekoeler te moeten laten persen op lekkage. Liever niet in Griekenland, dus eventueel terug naar Turkije.

De volgende dag maakten we een mooie wandeling rond Molivas, het wandelboekje van mevrouw van der Zee klopte niet helemaal maar met een afstekertje kwamen we er met butsen en schaven goed uit. We eindigden in zee, even lekker opgeknapt en stonden even later voor een enorm hotelcomplex, het was lunchtijd, dus stortten we ons op een heerlijk buffet. De laatste kilometers werden daardoor toch nog zwaar.
Zaterdag maakten we nog een wandeling uit het boekje, doch liepen geheel vast in de doornen. We gaven het op met mevrouw van der Zee. De schipper stelde voor het boekje ritueel te verbranden, maar de admiraal vond de kaft net te mooi.
Voor straf kregen we ’s avonds een Grieks raceteam langszij in een 42 voeter, die 0m 0400 uur doorvoeren naar Limnos.

Wij vertrokken toch nog wat slaperig om 0900 naar Ayvalik, waar we de volgende morgen een afspraak hadden gemaakt met de Yanmar dealer. We ankerden ’s avonds in Poyras Adasi, heerlijk rustig aan een prachtig strand, dat net was schoongemaakt door een jong Turks gezin.
Maanag de 17e , op Everts verjaardag liet de schipper om 0700 Sammy uit op het strand en gingen we anker op naar Ayvalik Marina. Daar werd de oliekoeler gedemonteerd en geperst, jammer maar helaas, lekkage. De nieuwe zou woensdag aan boord zijn.
Foutje van de fabrikant. Er is geen annode in de koeler gemonteerd en in de Middellandse Zee wil dat wel. Bij de nieuwe series is dit probleem verholpen. We deden wat klein onderhoud, vervingen de afvoer slangen van de wastafel en douche pomp.
Donderdag was er markt in Ayvalak, heel bijzonder de hele oude stad is markt en in de smalle straatjes rond de moskeen doet het heel gezellig aan. Ook op de vismarkt waren er weer tentjes die je aankoop bereidden en er sla en mezzes bij deden. We vertrokken, mede door het weer, er stond NNO7, dus tegen, dan ook pas zaterdag naar Babekale, het westelijkste puntje van Azie.
De admiraal leek het oostelijke puntje interessanter, maar dat is natuurlijk betrekkelijk. De mensen in Alaska denken daar vast heel anders over.

2013-06-23-at-07-05-33-version-2

We aten ’s avonds aan de wal en raakten in een aardig Turks gezelschap, wat eindigde met de uitreiking van een certificaat, getekend door de burgemeester, dat de Alegria het meest westelijke punt van Azie had bezocht op blabla. Opgehangen dus, onder het schilderijtje van de Ammon met de schipper als stuurmansleerling aan dek.

Op zondag vertrokken we een stevige NNW 5/6 naar Limnos, maar er stond nog een stevige deining van de stormdagen er voor. We zagen het een uurtje aan, de boot liep goed, te goed, we hakten er behoorlijk in. De admiraal had hier geen zin an, dus verlegden we koers naar Sigri, op de westelijke punt van Lesbos, waar we voor het strand en achter het fort ankerden om 1430 uur.
De volgende morgen vertrokken we om 1000 uur naar Nisos Efistratios, een piepklein eiland onder Limnos. Er stond een NO, later NW 4-5 en hadden een mooie overtocht. Om 1700 uur gingen we plat voor de kant aan de binnenkant van de buiternpier. Doordat er nog laat grote vissers binnenkwamen, moesten we (3x!) verhalen. De volgende morgen om 0630 vertrok de ferry, dus en onrustig nachtje!
De volgende morgen kwam de coastguard excuses aanbieden, ze waren erg boos op de onaangekondigde vissers en vonden dat die ergens anders hadden moeten gaan liggen. Nou ja.

De volgende dag vertrokken we na een mooie wandeling naar Mirini, de hoofdplaats van Limnos, waar we om 1330 meerden in de laag achter het anker voor met 40 meter ketting. Leuk dorp, maakten een verkennings tocht en aten heerlijk aan de wal. De volgende dag woei het een 7 uit het NW, Lies en Sammy beklommen het fort, de schipper bleef aan boord, omdat de buurman wat krabde en wij ook behoorlijk op de ketting doken. Belden ’s avonds een pizza.
De volgende morgen bij het aantrekken van de wind, begon het anker weer te krabben, namen het zekere vorr het onzekekere en ankerden in de baai. Verhaalden ’s avonds terug naar de ligplaats en presenteerden het hekanker op wat meer afstand.
De volgende morgen bij een NW 6/7 begon het hekanker ook te krabben, we probeerden het nog te laten “pakken”, maar de bodem bleek turf, (vandaar dat de buurman ook krabde), net een stukje in het midden van de ligp[laatsen. Gingen ten anker in de baai, mooi achter de pier, goed beschut. Het goede van de dag was het nieuws dat Marijke de moeder van Liesbeth in een prachtig tehuis in Apeldoorn een eigen kamer had gekregen, eindelijk rust in de therapie.

Zaterdag de 29e vertrokken we naar Porto Kaufo, aan de onderkant van het middelste schiereiland aan de Noordkust van Griekenland. Mooie oversteek NNE 4. Prachtige baai een van de mooiste natuurlijke havens in de Middellandse Zee. Het bleek in de 2eWO een duikboot haven geweest te zijn van de Duitsers en Italianen. Wegens een NW7 bleven we er tot 3 juli. Leuk dorp, we waanden ons qua landschap en hulpvaardigheid van de mensen in Turkije.
Hielden een rustdag en kuisten de boot.

Besloten maandag de 1e juli naar Panayia te zeilen, vertrokken om 1230 uur en kwamewn 1930 aan, meerden plat voor de kant in het dorp, bij de vissers. Tijdens de reis bleef de wind ons gunstig, draaide met ons mee de baai in, mooie kust.
Bleven de volgende dag liggen omdat de dag erop het weer ideaal was om langs Mt. Athos te varen, goed licht, weinig wind om eventueel te ankeren voor de nacht. Wasdag en boodschappen. Leuk dorp, mooie wandeling achter de stranden langs.

Vertrokken woensdag de 3 juli naar Mt Athos, de enige theocratie, (het Vaticaan heeft een autocratisch bestuur. Er werd heel veel gerestaureerd, dus het verhaal van een schiereiland in verval gaat niet helemaal op. We zagen 18 kloosters en 9 dependanes, stuk voor stuk enorm complexe bouwwerken met vaak een spectaculaire ligging. Sommige kloosters hadden een eigen haventje, vaak piepklein en niet erg beschut. Aan de zuidkust woonden veel hermieten op de hellingen van de berg Athos. Na zoveel kloosters te hebben gezien, kwamen we van ons plan terug om aan de oostkant een ankerplaatsje te zoeken voor de nacht en langs dezelfde route naat P.Koufos terug te varen om een goede uitgangspositie voor de “oversteek” naar de noordelijke Sporaden in te nemen. We draaiden weg van de zuidhelling, hesen de zeilen en voeren naar Porto Kaufos.

2013-07-03-at-13-53-25-version-2

De volgende morgen deden we nog wat boodschappen, laadden diesel en vertrokken om 1230 naar de noordbaai van Nisos Panaya, onbewoond; geiten en krekels niet meegerekend. Na een mooie zeiltocht kwamen we 1900 ten anker voor een mooi strandje in een desolate baai. Zwommen, aten een pasta en gingen met Sam op geitenjacht.(niets gevangen).
Lieten de volgende morgen Sam nog even een geitespoor ruiken en vertrokken om 0930 naar Patitiri op Nisos Alonisios. Stevig stampen rond de kaap, daarna downwind op de genua tot voor de havenmond.
Meerden om 1500 uur af, in de laag voor een achteranker. Er stond een behoorlijke deining in de haven, waardoor we wat afstand wilden houden met de hoge betonnen kademuur.
De volgende dag nam de deining alleen maar toe, zodat de schipper aan boord bleef en Liesbeth en Sam de bus naar de Chora namen en een prachtig oud ezelspad terug naar de haven vonden.

De volgende morgen bij het van boord gaan (vers brood) stootte het anker op de kade, de deining was behoorlijk toegenomen die nacht, buiten was het al twee dagen N8., zodat we van de kant gingen en het voor anker uitbrachten, met twee lange achtertrossen besloten we via de dinghy naar de wal te gaan; safety first. Het was een beetje roling, maar de haven op zich was safe. Vooral bij aankomst en vertrek van de Griekse ferries kon het even extra spoken.

Zondagavond namen we de bus naar de Chora, dronken daar een glas wijn op een prachtig plein en liepen het ezelspad terug naar Patatiri, waar we hoog boven de haven op het terras van een pensionnetje heerlijk aten. We besloten de volgende morgen naar Nisos Skopelos, een baaitje aan de zuidkust (dat leeg is) aan te doen.

De Noordkust van Griekenland was desolaat, prachtig landschap en enorme stille stranden. Nergens kon je pinnen, alleen de basic boodschappen en geen westerse toeristen, behalve jonge Griekse wandelaars en gezinnen uit Bulgarije, Servie en de Oekraine.
En toch weer overal sporen uit de geschiedenis; het kanaal van Xerxes, de kloosters, de oudste van voor 1000 na C. En de vitamine Z (eil). Het was een prachtige tocht, vooral de rust en de onbedorvenheid van het gebied heeft indruk gemaakt.

We gaan nu op weg naar Athene, waar we de 18e juli Steve en Truus oppikken, die tot 5 augustus aan boord blijven. De baai van Pireaus is behoorlijk industrieel, bovendien is het hoogseizoen en zitten we dan in de chartering milkway. Niet echt een scene voor Steve en Truus die met hun catamaran net van Nieuw Zeeland naar Canada zijn gezeild (of voor ons). We denken dan ook om ze aan de andere kant van Athene op te pikken in Porto Rafa, of de Olympic Marina aan de zuidpunt van Kolpus Petalion, alletwee de locaties ook dichter bij het vliegveld dan Athene zelf en waarna we kunnen oversteken naar Orgolikos Kolpus (Navplion). Ook druk, maar wellicht iets Griekser.

Volgende uitgave: Rondje Aegean, stukje met Truus en Steve!

 Posted by at 4:43 pm