Apr 092013
 

Fetiye, Rhodos town, Ak Istros, Ak Prasso, Nisos Khaiki,, Rhodos town, Marmaris.

 

Na een week rust en regelmaat (en poetsen) in Marmaris,  vertrok ik de 25e juli voor een rondje Rhodos, maar ook om bier en wijn te storen.  Met de regering van Erdogan waren de prijzen in Turkije voor alcohol in 4 jaar tijd verdubbeld. Jammer voor die heerlijke turkse rode wijnen.

Gebeld met de havenmeester in Rhodos en  misschien had hij nog een plaatsje voor me, bel om 1500 maar even terug.

 

Het was heerlijk weer, onder de kust stond een N4 en daarbuiten een NW 5, dus stijf onder de kust halve wind en na  het eilandje Kizil Ada aan de wind met een redelijke deining dwars. Door de hoge deining kwamen er af en toe redelijk veel water aan dek en begaf een van de sjorringen het van de passarelle. Ik ging dus naar voren om dat te herstellen. Stom, ik was alleen, dus had gewoon op moeten loeven, genua weg moeten nemen en daarna rustig naar voren gemoeten. Maar de plank knalde zo tegen de opbouw, dat ik daar even niet aan dacht.

Omdat ik alleen zeilde, had ik gelukkig wel de veiligheidslijnen aan dek gespannen en pikte ik me in, ik zat dus vast. Maar het schip liep een dikke 7 knopen aan de wind. Tijdens het sjorren dook de boot er weer flink in en kwam er groen water over het voorschip, net toen ik de passarelle aan het sjorren was, stom met twee handen. Ik donderde over boord en werd door de snelheid en omdat ik vast zat onder water getrokken. Dat moet dan niet te lang gaan duren, dus ten einde raad pakte de lijflijn, trok me op, voelde een  stanchion van de railing en met een bovenmenselijke kracht (die schijnt dan te ontstaan) slingerde ik me aan dek. Aan de hoge kant, was me dat nooit gelukt.

Les; bij het alleen zeilen voordat je aan dek gaat: de auto pilot af! Het schip gaat dan gewoon in de wind liggen en de snelheid is eruit. Dat dus gedaan, nadat de oen (het kalf) bijna verdronken was. Passarelle gesjord, diep adem gehaald en verder gezeild.

Impulsief handelen is alltijd stom, maar bij alleen zeilen is dat dus gewoon gevaarlijk.

En, ja de leeftijd gaat toch tellen. Alles met grote zekerheid betrachten en eerst denken.

Anders breek je benen of  verdrink je dus.

 

 

 

 

Om 1500 de haveneester, George, van Rhodos gebeld, no way, maar morgenochtend had hij een plekje, zodat ik mijn stores kon innemen. OK, dan blijf ik twee dagen. Geankerd achter het fort en met de dinghy naar de vissershaven getuft. Mooie wandeling gemaakt en een Ouzo Mezze verorberd, om het leven te vieren. Nog even langs de havenmeester die me versekerde een plaats met mooring lijn te hebben (tenslotte was ik alleen) en terug naar boord gegaan. Het woei intussen dat het rookte, maar het anker zat er goed in.  Goed geslapen.

 

De volgende morgen heerlijk gezwommen en na het ontbijt de haven meester gebeld, ik kon naar binnen. Bij binnenkomst bleek hij geen plek met boeitros te hebben, Griekse afspraken dus. Dan maar van voren meren met het achteranker, dat klaar was.

Ik kwam langszij te liggen van een nederlandse Dehler 34, met een beeldschone dame aan boord, die ook alleen zeilde (maar de volgende dag een vriendin aan boord kreeg),  Marije lerares Latijn en Grieks aan het Vossius.  Het kon mijn dochter zijn, maar het is toch wel erg leuk om met een educatief en beschaafd landgenote te mogen babbelen. Heerlijk. Wat een prachtvrouw, om verliefd op te worden! En helemaal gek van zeilen. Was ik nog maar 25 jaar jonger.

 

Liesbeth, die door Noord Amerika langs de oostkust motorde in een mastloze catamaran bij  Steve en Truus had ingestemd om haar verjaardag aan boord te vieren, waar ik erg blij mee was en omdat ik nog veel KLM punten had, boekte ik voor haar van New York naar Dalaman, via Amsterdam. De 9e met Air France uit NYC, aankomst de 13e augustus in Dalaman. Allemaal via de iPhone op een terras in Rhodos, maffe wereld, Alice in Wonderland.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nadat voor het komende jaar bier en wijn aan boord was gebracht en goedkope diesel was geladen, vertrok ik de volgende dag naar Lindos, mooi aan de wind bezeild. Het weerbericht voor de komende dagen was erg onstuimig, zeker aan de zuidkust, maar ik was alleen, de boot in goede conditie en jezelf eens op de proef stellen is op leeftijd ook niet verkeerd. Bovendien moest de schrik van het overboord slaan er uit worden gevaren.

De baai van Lindos was een soort kermis, een en allemaal  tripperboten en die kunnen net als Urkers maar twee standen, vol vooruit en vol achteruit. Dus ben ik een baaitje teruggevaren, waar  rust heerste en ook aanzienlijk minder valwinden waren. (En maar 10 minuten verder lopen naar Lindos zelf.) Daar geankerd met 50 meter ketting in 10 meter water. Tenslotte zeil ik alleen, dus safety first.

Na 1600 en voor 1000 uur is Lindos de rust zelve. Geen ezeltjes beladen met toeristen, die op je voet stappen, rustige restaurantjes en een weldadige stilte.

Lindos is al bewoond sinds 4 eeuwen voorC. En heeft een beeldschone klein acropolis boven het stadje en een prachtig strand in een wonderschone baai met eivol strand eronder.

Lekker gegeten, waarna ik in het donker teruggelopen ben naar “mijn” baaitje en in bed gekropen.

De volgende morgen ontbeten in het nog stille stadje, maar toen de eerste bussen kwamen om 10 uur, de politie met fluitjes het verkeer begonnen te regelen, ben ik maar weer terug naar de “Alegria” gegaan.

 

Anker op en op weg naar Ak Istros een baaitje 30 km zuidelijker met een prachtig strand en toeristen hotels. Het woei intussen best, maar aan de wind was het, gereefd, goed te doen. Aan de westkant van Rhodos staat niet veel deining in de zomer. Om 1600 uur geankerd, gezwommen naar het drukke strand en daar een biertje gekocht. Toch maar weer het kindergekrijs ontvlucht, boekje aan dek, nog wat gezwommen en een spagje gekookt. De hele nacht bulderde de wind, maar we lagen goed.

 

De volgende middag, het woei intussen stormachtig, onder een piepklein zeil naar  Ak Prasso gevaren, aan de zuidkust van Rhodos. Daar stond een holle zee met een best stevige deining, en het stormde nu echt.

Op de zuidkust steekt een lange zanderige kaap met een vuurtoren in zee, met aan elke kant een baai. De westelijke baai lag van de wind, dus daar was de beschutting, maar erg ondiep en een fikse deining. Heel voorzichtig  onder de kust daar naar toe gevaren en in het hoekje in 4 meter water het anker laten vallen. Het bulderde, maar ik lag daar in Abrahams schoot en zo lang het hard bleef waaien, kwam de deining dus niet naar binnen.  Gezwommen, biertje, en het restje spaghetti met een glaasje wijn opgemaakt, slecht geslapen, met de harde wind en het eenzame plekje, maar de iPhone op ankeralarm waakte.

De volgende morgen nam de wind iets af, maar er stond nog wel een holle zee, maar rond de kaap kreeg ik de wind achtelijker, dus toch maar vertrokken.

In de loop van de middag nam ook de zeegang wat af.

Heerlijk met ruime wind naar Nisos Khalki gezeild, een prachtig eilandje net ten oosten van Rhodos zelf.  Op weg naar Khalki zijn nog wel wat riffen en stenen, dus behalve zeilen, ook nog flink uitkijken en navigeren.

In de baai was het rustig, wel wind, maar  mooi vlak water.

Het stadje lag er bij als Simi, alleen erg veel verlaten huizen en een stuk armoediger.

Geen hotels of pensions, alleen vissers.

Naast de ferrypier (die maar een keer per week komt) aan de binnenkant was een plaatsje open, met genoeg water, dus ben ik daar maar langszij gaan liggen, niemand zei dat dat niet mocht. Goed plekje.

 

Boven het dorp is een soort fort, wat als uikijktoren voor Rhodos diende voor de St. Jansridders. Binnen het fort stond een oud kerkje/fors kapelletje voor St Nicolaas.

Daar bij de beschermheilige van de zeevaarders heb ik een kaarsje opgestoken, als dank voor een, alweer,  behouden reis.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

’s Avonds in het slapende dorpje op het terras van een taveerne, onder de locals, een heerlijk visje gegeten met een halfje Retsina. Voor het eerst in Griekenland heb ik de vis niet per gram betaald. Zeker omdat er geen toeristen waren.

Heerlijk geslapen tot 7 uur toen het klokje van het kerkje me wakker maakte.

Tegen de middag vertrokken en bijna voor de wind naar Rhodos stad geblazen, waar ik ankerde achter de muur van het fort.

Met de dinghy naar de vissershaven getuft en in de oude stad op het terras van een lounge bar de e-mails nagekeken en beantwoord.

’s Avonds een Ouzo Mezze en terug aan boord.

 

De volgende morgen, het was een augustus, lekker krachtig ontbijt gemaakt met eieren en spek, gezwommen, anker op en voor ruime wind naar Marmaris gezeild.

Meliha en haar man hadden een feestje voorbereid, achter de bar, buiten. Er waren niet veel bekenden in de haven wat engelse echtparen, maar er werd van harte gezongen dor de Turkse dames van het secretariaat.  Er waren felicitaties van Mar en Jur en de kinderen, van Elzelien en Marijke en Liesbeth, Steve en Truus belden vanuit intussen Canada op de satphone.

Een rustige verjarie, maar boven de 65 moet je ze ook niet meer vieren.

 

 

 

 

 

 

 

De volgende morgen ben ik naar de immigratie gegaan, daar mijn Turkse visum begon te verlopen. Ik vertelde dat ik gisteren uit Rhodos was gekomen en nu graag mijn visum wilde verlengen. Ik had echter niet uitgeklaard in Marmaris voor vertrek, dus was ik illegaal Turkije binnengekomen, welleswaar met een geldig visum, maar met een ongeldig Transit log., dat nog tot 6 september geldig is. Omdat een transit log (voor de boot) vele malen duurder is dan een retour catamaran naar Rhodos, koos ik eieren voor mijn geld en zat een uur later op de ferry boot, die normaal om 1000 in Rhodos aankomt en om 1600 uur daar weer vertrekt. Vandaag niet, er was een Russisch reisburo aan boord en de boot ging pas om 1730 terug.

OK, ik had vorige week de hele “buitenkant” van Rhodos gezien, dus besloot om vandaag maar de binnenlanden te verkennen en huurde een klein autootje. Lekker airco, mooie kloosters en wat een woest landschap! Prachtig. Heerlijk gegeten in een piepklein bergdorp, Laerna, in een stokoude Taverna bij een stokoud echtpaar. Daarna door de bergen naar Apollona (dat beroemde drinkwatertje) en Profitis Ilias (1100 meter hoog) waarna via Kolympia terug naar de “grote” weg en Rhodos.

Om 1700 uur de auto ingeleverd en om 1730 uur zaten we weer met de Russen op zee.

Op de terugweg nog even vreselijk gelachen met twee Deense mega lesbo’s,  alletwee een kop groter en twee keer zo breed als ik, die ook tussen de Russen verdwaald waren.

Om 1830 uur had ik mijn visum en om 1800 mijn stempels en was  weer terug aan boord.

Het was een, onverwachte, heerlijke dag!

 

Intussen begonnen aan nog weer wat klusjes (koop een boot en werk je dood), de boot weer van de zoutkorst ontdaan, lekker aan de ochtendzwembaantjes weer begonnen en me voorgenomen om de 9e hier te vertrekken naar Fetiye en de 12e aan te leggen in Gocek, om Liesbeth de volgende morgen van het vliegveld te halen.

Ik blijf dan in de baai van Gocek tot de 16e augustus, wanneer Liesbeth jarig is en ik Nel en Alex ’s avonds laat van het vliegveld laat halen en waarschijnlijk naar Wall Bay laat brengen, als Ramazan dat tenminste weet te vinden.

 

Tot het volgende hoofdstuk; Rondje met Alex en Nel.

 Posted by at 2:04 pm

 Leave a Reply

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

(required)

(required)