Aug 192009
 

Augustus 2009

Griekenland, Nisos Paxos, Vaste land, Nisos Levkos, Nisos Meganassi, Nisos Ithaca, Nisos Zakinthos, Peloponnesos,

Gayos, Preveza, Nikipolis, Vonitsa, Lefkas, Port Atheni, Vathi, Zakhintos, Kalakolon, Pilos, Methoni, Kalamata,

Op 1 aug. vierden we Mike’s verjaardag, hij werd 65 jaar en voelde zich meteen stokoud. Gelukkig kreeg hij op straat bewonderende blikken, voor hem of voor Tobias en dat deed wonderen. s’Avonds aten we in een leuk restaurant waar ze de sirtaki dansten en Tobias zijn eventuele eten moest verdedigen tegen brutale katten. De volgende morgen zagen we dat er aan de meloen was geknabbeld en dat er een heel spoor van druiven van binnen naar buiten liep. We hadden bezoek gehad van een eekhoorn en/of rat, die over de trossen, die we naar de wal hadden gespannen naar binnen was gekomen. Ze waren inmiddels weer vertrokken.

Van Paxos vertrokken we naar het vaste land, naar Preveza,een weinig opwindend stadje met een enorme ondiepe baai ernaast. We lagen er een nacht ten anker maar vertrokken weer gauw en gingen op zoek naar Nicopolis, een oude romeinse stad die ten noorden van Preveza ligt. Het werd een prachtige zeiltocht op het grote binnenmeer dat ten westen van Preveza ligt en waar de zeeslag is gevoerd tussen Octavianus en Antonius. We ankerden voor Nicopolis ( 2 km. het binnenland in).De volgende ochtend zochten we de stad maar we zagen hem alleen in de verte, over een lagune liggen. Liesbeth vond (blasé?) dat de Romeinse periode haar niet zo erg interresseerde, maar het zou ook best de warmte geweest kunnen zijn.

We motorzeilden naar Vonitsa dat aan de andere kant van het meer ligt. We ankerden in een prachtig baaitje achter een eilandje met pijnbomen en helderblauw water. Het stadje was niet toeristisch want die beperken zich kennelijk tot de eilanden. Op 5 aug. zeilden we naar Lefkas waar we een brug passeerden die eenmaal per uur open ging. Het leek even op het gedrang bij bruggen en sluizen in Nederland. We ankerden midden in de stad. De volgende ochtend deden we de boodschappen in de Supermarkt aan de kade en toen we terug kwamen zagen tot onze verbazing dat de dinghy even geleend was door een fransman. Hij kwam met het schaamrood op de kaken weer teruggeroeid met veel excuses en of we zijn vrouw even konden waarschuwen want die zou hem halen met hun dinghy. Zoals bekend wordt het meeste gestolen door medezeilers al was dit meer een soort van lenen. (Michael was furieus, en vond het typisch eigengereid frans gedrag. Volgens hem moet in het Schengen verdrag opgenomen worden dat fransen, voordat ze Frankrijk uitmogen een Europese inburgerings cursus moeten doorlopen. Totdan een hek rond Frankrijk voor uitgaand verkeer enzo. )

De volgende dag was poetsdag in de marina, en daarna weer gauw weg om te ankeren. Ditmaal Meganissi. Port Atheni, een enorme diepe baai, met uitzicht op de hoge bergen van het vaste land. Aan de wal was een supermarkt annex bar annex internet annex laundry. Dat is altijd een goeie gelegenheid om het bed en andere zaken te verschonen. Een half uur lopen verder was Katomeri een dorp met cafe en bakker. Het was er heerlijk. Het volgende eiland werd Ithaka, waar Liesbeth altijd al heen wilde vanwege haar naam, Ytteke. De tocht erheen was bijzonder, eerst geen wind en toen 30 knopen op de kop, nog net bezeild. We kregen bakken water over en al Mike’s gepoets was weer bedekt met een korst zout. Gauw een haven in maar dat was wat iedereen wilde en na twee volle havens; Frikes en Kioni kwamen we in Vathi aan, waar de baai zo groot is dat er altijd plaats is en we ankerden voor het dorp.

Intussen bleek dat we in Meganassi toch een rat aan boord als loge hadden meegenomen, het fruit was bij terugkomst weer aangevreten maar een felle jacht door Tobias en Mike, bleek te falen. De mannen worden toch te oud voor dit soort handwerk. (Volgens Tobias was de rat nog te klein, ondermaats.) Mike zette door en kocht gif en een val bij de ijzerwinkel/apotheek en we hadden hem bij terugkomst van de wal, na het eten ’s avonds, gevangen.

In Vathi verhaalden we, met een “alaska” ankermannoeuvre, naar de noordkant van de baai, bij twee leuke taverna’s en een heerlijk rustig strandje. We bleven er 3 dagen.

De 12e augustus voeren we verder zuidwaarts naar Nisos Zakhyntos, waarvan de zuidbaai de grootste broedplaats is voor de loggerhead turtle in Europa (Carretta Carretta). We meerden in het stadje in de laag met een anker voor, en lagen met achtertrossen in een hotel met zwembad, toegangkelijk voor de yachties. Even leuk en luxe, maar niet bepaald onze opvatting van kruizen (vrij naar: to cruise).

De volgende dag zeilden we dan ook door naar Katakolon, onze eerste haven op de Peloponnesos en vlak bij Olympia gelegen. Er lagen 2 gigantische cruiseschepen, die een uitstapje naar Olympia in hun programma hadden. We ontmoetten ’s avonds een Engels stel in de taverna, die ook een Island Packet zeilden, (een 420, de “Happy Hour”) wat altijd weer gespreksstof oplevert.

’s Morgens voeren door naar Pilos en lagen daar dubbel naast een werkboot in een krakkemikkige “marina”, maar wel een leuk soort badplaatsje met uitsluitend Grieks publiek. De baai van Navirinou is spectaculair. Te bedenken dat er de slag is geleverd in 1827 waarbij admiraal Codrington de Turks-Egyptische vloot versloeg wat de direkte aanleiding werd tot de zelfstandigheid van Griekenland (met 26 schepen/1270 kanonnen tegen 89 schepen/2450 kanonnen). Mike ziet dat voor zich, in zo een uitgestrekte baai tussen de bergen.

Liesbeth vond het geen plek om 36 jaar te worden, dus zeilden we door naar Methoni, een prachtig baaitje achter een oud Venetiaans fort met een Turkse gevechtstoren in zee en een prachtig strand met leuke tavernes, om een week te blijven. Mike pavoisseerde de boot op de 16e en we ontbeten heerlijk aan de wal. We ontmoetten een Nederlands schilder/muziek echtpaar die al 8 jaar in Methoni wonen (en een boot in de baai hebben liggen) en we werden daar ’s avonds uitgenodigd. Liesbeth kreeg een fles olijfolie uit eigen boomgaard en we aten gezellig samen op het plein in het dorp.

De volgende dag zeilden we door naar Porto Kayo, om wat beter weer af te wachten om naar Kreta over te steken. De weerberichten voor de komende dagen beloofden niet veel goeds. Onderweg vertoonde de autopilot, na 9 jaar trouwe dienst kurenen liep de boot een paar keer uit het roer. (Fout, driver stopped). Met faulttracing en opnieuw callibreren bleek het probleem niet op te lossen en we besoten daarom Kalamata aan te lopen, een moderne marina met faciliteiten.

De elektricien vond de fout inderdaad in de driver motor, dus wordt bekeken of die gerepareerd kan worden. In Athene bleek een motor voor dit type autopilot niet voorradig, bovendien is heel Athene met vakantie, kortom verzin een list.

Na demontage en contact met de dealer in Nederland, besloten we een paar dagen een autootje te huren om de Peloponnesos dan maar van binnen uit te verkennen. Doorvaren zonder autopilot met z’n tweeën, is geen optie. Gelukkig hebben ze in de marina een bookswap, dus Liesbeth is gelukkig.

 


De reparatie bleek dik mee te vallen. Na demontage van de linear drive door Mike, werd door de electriciën de fout gevonden. De electromagnetische koppelig bleek in 9 jaar dusdanig vuil, dat hij na verloop van tijd begon te slippen, wat de foutmelding driver stopped (slipped) tengevolge had. Na schoonmaken en terugplaatsen maakten we ’s avonds een uitgebreide proefvaart, de piloot bleek weer gezond.

Ondertussen was het weer in de Aegean behoorlijk aan het verslechteren en beloofde een ronde Noordwest 8 in de Straat van Kithera (en Antikithera) gedurende het weekend. We besloten daarom ons plannetje om een auto te huren uit te voeren. De 20e reden we naar Mithras, een oude Byzantijnse stad in de bergen, Sparta en Ythion (de havenstad van het oude Sparta) terug langs de westkant van het Khersonisos Mani en door en langs het Taigetos gebergte terug. Wat een prachtig landschap en een indrukwekkende tocht.



De 23e maakten we het schip zeeklaar, leverden het autootje in en klaarden uit. De volgende morgen laadden we diesel en voeren naar Porto Kayo, een baai aan de zuidkust van het zuidelijke schiereiand Mani van de Pelopponesos. ’s Nachts kwam er een mega Italiaans motoryacht langszij ten anker, zo dicht bij dat we bij het draaien 10 m. ketting moesten innemen om onze schroef en roer vrij te houden van zijn ankerketting. Toen ik de Italiaan vanuit onze kuip dat meldde hing hij twee fenders aan z’n boeg. Een frans zeilschip dat achter hem lag moest bijsteken om vrij te blijven. Toen de fransman hem dit meldde en aanmerkingen had over z’n manier van ankeren, hing hij twee fenders aan het achterschip. Er zijn vele manieren waarop mensen elkaar uit de slaap kunen houden…..

De 25e maakten we een mooie wandeling, ’s morgens vroeg langs de zuidkaap van Mani, gingen ankerop en vertrokken we naar Kapsali op Nisos Kythera. Een prachtig plaatsje met hoog boven de haven Hora, de hoofdstad, versterkt door Venetie in de 17e eeuw. We waren lui, namen een taxi naar boven (heeeel steil), rondje fort en dorp, aten er en gingen met zaklantaarn terug naar beneden.

Omdat we werden ingehaald door een lage drukje met flink wat wind, bleven we schuilen tot 28e, aanvankelijk ten anker, maar de laatste nacht langszij de kade, omdat er toch op de ankerplaats flink deining naar binen kwam.

Onderweg naar Kissamos vertoonde de autopiloot weer kuren, we konden echter niets vinden, behalve dat een relais, voor de computer, warm werd. Om 1700 uur waren we binnen en mochten niet ankeren van de kustwacht, maar kregen een plaatsje aangewezen in de handelshaven aan een enorme betonnen kade, voor een Nigeriaanse fabriekstrawler, waarvan de matrozen onze trossen opvingen. Daar lagen we dan in een soort Ijmuiden. Na het inklaren namen we een aperatiefje met heerlijke octopus in het veerhuis. We besloten de volgende dag direkt te vertrekken.

De 29e ’s morgens ankerden we in Gramvousa, een woest eiland met klipgeiten, konijnen en patrijzen en enorm Venetiaans fort, tegenover een prachtige zoutwater lagune, Balos aan de Westkust van Kreta, net plaatjes van de Bahama’s. Na onze eerste kop koffie en het genot van het uitzicht op het prachtige fort, werd de rust verstoord door een enorme touristenboot die recht over ons anker voer, een achteranker presenteerde, een klep liet zakken en 600 toeristen loste in het paradijs. We keken elkaar aan, hieuwden het anker, rondden een kaap om een wrak en lieten een baai verder in alle rust opnieuw het anker vallen.

s’Nachts veranderde de wind naar West en nam toe, precies de enige wind die een deining veroorzaakte waartegen de baai NIET beschermd was. We besloten het tot daglicht aan te zien en draaiden ons om. ’s Morgens stond er een aardige deining, zodat we besloten anker op te gaan en naar de zuidbaai te varen (2nm), naar een baai die beter beschut werd naar het Westen. Daar aangekomen ankerden we zo diep mogelijk binnen de baai, maar er kroop nog voldoende deining de baai in om het net niet comfortabel te doen zijn. Maar ja, Tobias moest nog even uit en we waren ook best wel nieuwsgierig naar de “warm water” lagune.

De lagune viel tegen, er was duidelijk te zien dat er zo een 1000 dagtoeristen per dag werden aangevoerd, het was nu vroeg in de morgen en behalve twee zeeegel vissers was er niemand, maar toch. We maakten een wandeling over het “tamme Gramvousa” en besloten anker op te gaan en naar Khania te varen, waar we de 30e augustus om 1830 uur aankwamen en recht voor het kantoor van de kustwacht (en bars en restaurants) afmeerden.

We bleven er zes dagen, ondanks de herrie s’nachts (ohropax). Het was het een leuk oud Venitiaans stadje met parken, forten, mooie straatjes, musea en heerlijke restaurantjes. De autopilot werd weer bekeken en weer bleek er eigenlijk niets aan te mankeren. De waterpomp werd vervangen en meer zo van die karweitjes. We aten in alle restaurantjes van de gids voor Kteta en maakten s’avonds wandelingen door alle kleine straatjes. In de lokale supermarkt vroegen ze de bonuskaart, die hadden we thuis gelaten, de arm van Albert Hein reikt ver. Voordat we uitklaarden moesten we nog 88 cent betalen in het lokale belastingkantoor, de burocratie is in iedere haven anders.

Na een dag motorzeilen zijn we nu in Rhetimon, alweer een Venetiaans fort en leuke straatjes maar deze keer geen muziek, dus we kunnen weer bijslapen.


 Posted by at 1:07 pm

 Leave a Reply

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

(required)

(required)